Samenwerken is Groeien Samen aan de slag

Gewasbescherming wordt steeds meer een zaak van de regio’s

We volgen de Raad van State uitspraken rond de lelieteelt in Drenthe. Deze stelde onlangs dat de provincie rond Natura 2000 gebieden wel degelijk restricties mag stellen aan het gebruik van middelen. De rechter beroept zich hier net zoals bij stikstof op het voorzorgsprincipe.
 
Het is onduidelijk of stoffen in het Natura 2000-gebied terechtkomen en of deze stoffen schadelijk zijn. Het is desondanks vooraf aan de provincie en teler om aan te tonen, dat er geen schade uit middelengebruik voorkomt.
 
De vraag is of dat kan. Daarmee krijgt het speelveld van waar we wat kunnen telen een extra dimensie. Het is nu de lelieteelt en morgen kan dat mogelijk ook de coniferen, de perenteelt, de spruitkool of aardappelteelt zijn. Er is behoefte aan een pro-actieve aanpak vanuit de sector. De producenten moeten het gesprek aangaan over milieubelasting en aanvullende maatregelen met lokale en provinciale partijen. De regionale omstandigheden kunnen nogal eens verschillen en een andere aanpak vragen. De tuinbouwregio's spelen daarop in en we zien dat fieldlabs (experimenteer locaties) en regionale onderzoeks initiatieven worden gestimuleerd. Of dit gaat leiden tot nieuwe acceptabele inzichten en oplossingen weten we nog niet. Ik verwacht wel producenten, burgers, overheden en (bepaalde) ngo’s elkaar beter gaan begrijpen. 
 
Vanuit Greenports Nederland faciliteren we dit proces om de regio’s voor te bereiden of wat op hen afkomt. We organiseren expertbijeenkomsten waar de landelijke tuinbouw- en akkerbouw specialisten van branches, de greenports en provincies elkaar treffen om praktijkervaringen, kennis en initiatieven te delen.  Daarnaast zijn we actief betrokken bij de ontwikkeling van de MIG (Milieu Indicator Gewasbescherming), die vanuit de branches samen met LVVN wordt gefinancierd. De MIG wordt naar verwachting in de eerste helft van 2026 opgeleverd als management tool voor de inzet van gewasbeschermingsmiddelen. Telers kunnen dan beter kiezen welke middelen in welke (regionale) omstandigheden geschikt zijn. De tool maakt de effecten op het milieu eenvoudig te vergelijken met die van andere telers en regio’s. Een waardevol hulpmiddel om de milieudruk te verlagen, zowel voor de open teelten als teelten onder glas.
 
Daarnaast speelt bij deze transitie binnen ons netwerk de landelijke en regionale communicatie een grote rol. Ook met de bewoners en bedrijven in de omgeving, getuige de ervaringen vanuit Westerveld. Op dit onderdeel is veel beweging en zijn de communicatie initiatieven zoals “toekomst bollenvak”, de campagne “groene kracht vooruit” of campagnes gericht op de consument vanuit Bloemenburo Holland hard nodig om proactief verschillende doelgroepen mee te nemen.
 
Rutger Lommerse